De meeste recreatieve skiërs rijden goed met 1 graad onderkant en 1 of 2 graden zijkant, in de winkel vaak 89 of 88 graden genoemd. Racers gaan scherper. Hoe scherper de hoek, hoe beter de grip op ijs, maar hoe minder vergevend de ski.
Twee hoeken
De zijkanthoek bepaalt hoe scherp de kant in de sneeuw snijdt. De onderkanthoek (bevel) bepaalt hoe snel de kant pakt als je de ski kantelt. Bij 88 graden zeg je: 2 graden zijkant.
| Zijkant | Onderkant | Voor wie |
|---|---|---|
| 1 graad (89) | 1 graad | Beginners en ontspannen rijders |
| 2 graden (88) | 1 graad | De meeste pisteskiërs en sportieve rijders |
| 3 graden (87) | 0,5 graad | Wedstrijd SL en GS, veel druk op ijs |
| 1 graad (89) | 1 graad of meer | Freeride en all-mountain |
Hoe vaak?
Laat je ski's minstens een keer per seizoen in de winkel slijpen. Rij je vaak op hard, dan vaker. Een klein diamantvijltje of een kantensteen werkt goed tussendoor, maar laat de echte machinale slijpbeurt aan een winkel over.
Veelgestelde vragen
Wat is beter, 88 of 89 graden?
Voor sportief pistegebruik 88: meer grip. Voor een rustige of lerende skiër 89: vergeeft meer. Twijfel je, neem 88 met 1 graad onderkant, want daar komen de meeste skiërs goed mee weg.
Kan ik mijn ski's zelf slijpen?
Bijhouden met een kleine vijl en steen kan prima. Een ski die er echt slecht aan toe is of een nieuw belag nodig heeft, kan beter naar een skiservice.