De hoofdsoorten zijn comfortschoenen voor beginners, pisteschoenen, raceschoenen, all-mountain schoenen met wandelstand en toerschoenen. Ze verschillen in stijfheid, pasvorm, gewicht en zool. Kies op waar en hoe je rijdt, dan pas op flex.
Alle soorten
Van zacht naar hard en van breed naar nauw.
| Soort | Flex heren | Last | Voor wie |
|---|---|---|---|
| Comfortschoen | 60 tot 90 | 102 mm of meer | Beginner, brede voet |
| Pisteschoen | 90 tot 120 | 100 tot 102 mm | De meeste skiërs |
| Sportieve pisteschoen | 110 tot 130 | 98 tot 100 mm | Gevorderd en expert |
| Raceschoen | 130 tot 150 | 92 tot 97 mm | Wedstrijdrijders |
| All-mountain met wandelstand | 100 tot 130 | 98 tot 102 mm | Ook naast de piste, en fijn lopen |
| Toerschoen | 90 tot 130 | 98 tot 103 mm | Toerskiën, licht en loopbaar |
Raceschoen
Stijf, nauw, met een harde binnenschoen. Raceschoenen geven direct contact met de ski, maar comfort is daarbij bijzaak. Wie geen poorten rijdt, wordt hier zelden blij van.
Wandelstand
Met een klik maakt de schacht meer los, zodat je beter loopt. Fijn als je veel moet lopen naar de lift of naar het terras. Alleen op de stand voor rijden geeft de schoen de steun die je nodig hebt.
Veelgestelde vragen
Welke skischoen voor een beginner?
Een schoen met flex van 60 tot 80 voor dames of 70 tot 90 voor heren, in een pasvorm die strak zit maar geen pijn doet. Pas altijd in de winkel en laat je voet meten.
Kan een raceschoen ook voor recreatief skiën?
Dat kan, maar je voet wordt vaak koud en je betaalt met comfort. Een sportieve pisteschoen geeft goede rijders vrijwel evenveel en doet minder pijn.